playbook
Beter golfen 6 van 8: Bunker en kort spel uur
Dertig minuten in de oefenbunker en rondom de chipping green. Zand houdt op eng te zijn als je er met opzet in slaat.
30m
duur
Aanwakkeren
tempo
De bunker heeft iets eigenaardigs: de meeste golfers vermijden hem tijdens het oefenen, precies omdat ze er tijdens een ronde zo graag uit willen blijven. Daardoor blijft het zand onbekend terrein, en onbekend terrein maakt zenuwachtig. Wie er een halfuur opzettelijk in staat, met de voeten breed en het clubface open, merkt dat de slagen na tien minuten al anders aanvoelen. De bal hoeft niet geraakt te worden. Het zand doet het werk, als je het zand een beetje vertrouwt.
Rond de green verschuift de aandacht naar gevoel voor afstand. Een chip met de putter van de fringe is verrassend betrouwbaar, een wedge vanuit hoog gras vraagt iets meer lef bij de doorslag. De sessie eindigt op één meter van de hole, tien keer achter elkaar. Dat is kort genoeg om zeker te zijn, en precies lang genoeg om te twijfelen als je er niet bij nadenkt.
door PlayTryBe team
Trek een lijn in het zand. Tien swings waarbij je het zand twee centimeter achter de lijn raakt, zonder bal.
Suggestie: De club moet het zand raken, niet de bal.Nu tien ballen op de lijn, face open, gewicht naar links, volledige follow through.
Suggestie: Spat het zand eruit en de bal gaat mee.Rondom de green: tien chips van de fringe met een putter, dan tien met een wedge.
Suggestie: Welke komt dichter bij? Gebruik die op de baan.Vijf lob shots vanuit dik gras, als de green het toelaat. Face open, versnellen.
Suggestie: Gebruik dit shot alleen als het echt moet.Eindig met tien putts van één meter. Allemaal in.
Suggestie: Sluit af met een treffer.Voor wie dit nadoet